Japan is niet het eindstation

(Door Edward Swier)

BAARN (GPD) – Als achttien-, negentienjarige voetbalvedette in sp‚ deed hij, ter vervulling van zijn militaire dienstplicht, drie middagjes per week ,,wat domme karweitjes” op de Kolonel Palmkazerne in Bussum. Nu, twaalf jaar later, is Gerald Vanenburg terug in het Gooi. Opnieuw zeer tijdelijk. En ook alleen omdat het moet. Vanenburg werkt in Baarn bij ‘Willems en Van Daalen, fysiotherapie en sportrehabilitatie’ aan het herstel van zijn gekwetste linkerknie. Eind mei hoopt de libero (!) van Iwata Jubilo echter weer in het vliegtuig richting Japan te zitten.

De inmiddels 31-jarige voetbalmiljonair (geschat jaarinkomen: anderhalf miljoen gulden) kijkt er al naar uit en zegt weer heel veel lol in het voetbalspel te hebben. De lol die hem hier, juist nadat hij voor ‘levenslang’ bij PSV had getekend, plotseling volledig ontbrak. In juli 1993 ontvluchtte Vanenburg de Nederlandse competitie. ,,Ik had het hier eigenlijk wel gezien, miste de motivatie om nog langer mijn stinkende best te doen. Ik had er ook elf, twaalf seizoenen op zitten, was bijna ieder jaar wel in de prijzen gevallen. Het was allemaal zo gewoon geworden. Toen PSV mij die langlopende verbintenis voorlegde, had ik er eigenlijk helemaal geen zin meer in, maar ik hoopte dat het een nieuwe impuls zou geven. Achteraf bekeken heb ik gewoon niet voor de volle honderd procent achter die keus gestaan, was ik toe aan iets anders”.

Sinds zijn eredivisiedebuut op 5 april 1981 had de Utrechter zowel bij Ajax, PSV als Oranje mooie jaren meegemaakt. Acht landstitels, vijf KNVB-bekers, een Europacup 1 en een gouden EK-medaille waren zijn deel geworden. Net als een berg kritiek, hoon en miskenning. Want, zo voelde Vanenburg dat toch vaak. De door hem zo geambieerde positie centraal op het middenveld, als de man die aanvallend alle lijnen uitzet, was hem zowel in de hoofd- als lichtstad slechts hoogstzelden gegund. De meeste trainers zagen het niet in hem zitten op die positie.

Talloze conflicten met de van jongs af al zeer mondige, en uit de Utrechtse volksbuurt Sterrenwijk afkomstige, Vanenburg waren het gevolg. ,,Ik durfde de discussie aan te gaan. Kreeg alleen altijd te maken met een bepaald slag trainers. Allemaal kerels van hetzelfde type, met kwaliteiten, dat zeker, maar ook met mindere kanten. Het is toch niet vreemd dat De Mos en Beenhakker bijna overal en altijd ter discussie hebben gestaan, op problemen zijn gestuit. Voor Cruijff geldt eigenlijk hetzelfde”.

Hij vervolgt: ,,Ik had inderdaad, en heb ook nu nog, een eigen mening, maar ik denk dat ik niet eigenwijs ben. Als iemand een goed idee heeft, neem ik dat moeiteloos over. Eigengereid ben ik evenmin. Ik dacht, als ik over mijn positie binnen het elftal wilde praten, altijd aan dat elftal. Ben ervan overtuigd dat ik er bij willekeurig welk team in de eredivisie dertig inschiet, als ik alleen aan mezelf zou denken. Maar zo zit Gerald Vanenburg niet in elkaar. Ik zou het twee wedstrijdjes als ego‹st uithouden, maar de derde keer lukte me dat al niet meer”.

Het bevreemdde menig Nederlandse voetballiefhebber overigens te lezen dat Vanenburg bij Iwata Jubilo, na één (sterk) seizoen als middenvelder, inmiddels naar de laatste linie is verhuisd. Ogenschijnlijk zonder al te veel morren. Kan trainer Hans Ooft wat al zijn voorgangers niet konden? Een glimlach wint het, terwijl Anthony Willems onverstoorbaar de behandeling voortzet, zowaar van een verbeten grimas. Libero Vanenburg vrijdagmiddag: ,,Ooft suggereerde het tijdens een korte trip door Australië. Hij zat slecht in zijn verdedigers. Dan koop je er toch lekker één, zei ik hem. Dacht dat-ie een dolletje maakte”. Tijdens een tweetal oefenduels met Sao Paulo en Spartak Moskou bleek dat Ooft het echter meende. ,,Beide keren hielden we de nul. Het ging eigenlijk erg goed. Te goed, want ik bleek voor hem het beste alternatief. Jammer genoeg. Ook nu denk ik nog dat ik op het middenveld voor iedere ploeg mijn grootste waarde heb”.

Waarom kwam Vanenburg ditmaal dan niet in opstand? ,,Omdat ik er, gek genoeg, eigenlijk wel plezier in had. Tot het moment dat ik geblesseerd raakte, stonden we tweede. Bovendien kreeg ik ook veel waardering voor mijn werk achterin”. ‘Lol, plezier en waardering’. Deze, en vergelijkbare, termen komen veelvuldig terug in de hedendaagse vocabulaire van Vanenburg, die tot 1 februari 1997 onder contract staat bij Iwata Jubilo. Is persoonlijk genot dan nog zijn enige drijfveer? Met andere woorden: slijt hij zijn laatste onbezorgde dagen in ‘het land van de rijzende zon’? ,,Ik geloof steeds meer dat de Japanse J-League niet mijn eindstation is. Als ik terugkom, is dat echter alleen omdat ik er dan nog plezier in heb. Toen ik bij PSV-Volendam op de tribune zat, kreeg ik de kriebels. Het was dat ik geblesseerd was, maar als de speaker me had omgeroepen, was ik zo naar beneden gegaan. Ik sta er momenteel helemaal niet bij stil wie me nog wel of niet wil”.

,,Italië is voor mij in ieder geval niet meer het beloofde land. Wel heb ik de overtuiging dat ik het nog steeds kan. Voor mezelf weet ik ‚‚n ding zeker: als ik terugkeer, zal dat bij een club uit de top-drie van Nederland zijn. Een rol zoals Rijkaard bij Ajax? Ach, we zien wel. PSV is qua organisatie de beste club. Mijn hart ligt er. Nog altijd. Ik zou er later graag iets met de jeugd gaan doen. Niet zoals bij Ajax. Een jongen van acht of negen jaar op de 3, 4 of 7 zetten…. Het werkt wel, maar ik vind het wat geïsoleerd”.

En FC Twente dan? In augustus 1993 zei je dat je die club kampioen zou kunnen maken. ,,Weet je wat het verschil tussen PSV en Twente is? Eén, hooguit twee goede spelers. Echt, ik denk dat ik dat verschil zou kunnen overbruggen. Wraakgevoelens? Die koester ik absoluut niet. Wraak, dat vind ik zo’n raar woord. Dan moet ik altijd aan Chuck Norris of Bruce Lee denken”.

Over Aziaten gesproken, Vanenburg is laaiend enthousiast over de competitie in Japan. ,,Dit jaar spelen we liefst 52 wedstrijden. En, elke keer moet je voor honderd procent aan de bak. Je staat er, zelfs als insider, overigens verbaasd van hoe snel het niveau stijgt. Slechte wedstrijden, zoals PSV-Volendam, of talloze andere partijtjes hier en in Italië, zie je er niet. De stadions zitten altijd vol. Tactisch mag het dan nog niet helemaal volmaakt zijn, iedereen gaat ervoor. Het tempo ligt heel hoog, het is fysiek sterk en je voetbalt veelal in de kleine ruimte. Echt, als je in Japan kan voetballen, kan je dat overal ter wereld”.

Ook het leven in Japan bekoort Vanenburg wel. ,,In de eerste weken dacht ik er heel negatief over. Wilde liever vandaag dan morgen terug. Inmiddels zijn we, Marianne, de kleine en ik, aardig geacclimatiseerd. Ik moet alleen nog altijd wennen aan de onderdanigheid van de Japanner. Het hoort bij hun cultuur, maar dat gebuig van die mensen staat me niet zo aan”.

 Voor De Gooi-en Eemlander, 15 mei 1995

Advertisements

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Voetbal

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s