Pleidooi voor ‘theekransjes’

(Door Edward Swier)

NIEUWEGEIN (GPD) – Het roer moest drastisch om. Daar was iedereen het over eens na de EK atletiek in Helsinki, waar Nederland op alle fronten faalde. Bert Paauw, technisch directeur van de Koninklijke Nederlandse Atletiek Unie, dook daarom nog dieper in de boeken, belegde nog meer vergaderingen en investeerde nog meer tijd in contacten met buitenlandse collega’s. Voornaamste conclusie: het selectiebeleid moet anders. Het dient weer een eer te zijn om deel uit te maken van de KNAU-selectie.

Het resultaat van ‘duizelingwekkend denkwerk’ werd deze week door Paauw gepresenteerd. En als zo vaak na een rigoreuze ingreep, was het plots gedaan met de unanimiteit. Een aantal atleten, dat werd geconfronteerd met nadelige consequenties, was liever liever op de oude voet verder gegaan. En dus kreeg Paauw, die de selectie terugbracht van 53 tot 23 atleten, weer alles en iedereen over zich heen.

De 46-jarige beleidsmaker blijft er onbewogen onder. ,,Je moet de realiteit onder ogen zien. We zaten gewoon te ruim in ons jasje. En dat is niet goed als je middelen maar beperkt zijn”. Met andere woorden: je kan beter een klein aantal atleten in de watten leggen dan 53 man/vrouw op prikkerig stro. Want dat slaapt, ondanks de goede bedoelingen, toch niet echt comfortabel.

Paauw: ,We hebben in onze nieuwe plannen de Olympische Spelen nóg centraler gesteld. Niet dat we nu de EK’s en WK’s laten verslonzen, maar Atlanta 1996 en Sydney 2000 moeten voor de KNAU én de atleten het hoogtepunt worden. Selectie 1 bestaat uit een, zeg maar, elitegroepje van elf atleten, van wie wij verwachten dat ze in Atlanta minimaal een finaleplaats kunnen bereiken. In selectie 2 zitten overwegend jeugdige talenten, voor wie de top in Sydney moet liggen. De samenstelling van die tweede groep is, ik erken dat, natuurlijk vrij arbitrair. Sydney is tenslotte nog ver weg”.

Tonnie Dirks ageerde eind vorige week tegen de KNAU-plannen. Voor hem was – net als andere ‘oudjes’ als Carla Beurskens, Elly van Hulst, Marti ten Kate, Anne van Schuppen en John Vermeule – geen plaats meer in de selectie . Noch in 1, noch in 2. Een diskwalificatie, maar bovenal een financiële strop. Dirks zag zijn maandelijkse toelage teruggeschroefd tot een minimum: nul gulden.

,,Andere atleten kunnen tussentijds via aansprekende resultaten een heroverweging afdwingen”, aldus Paauw. ,,Ze zullen dan echter, in samenspraak met hun persoonlijke trainer, wel een plan moeten presenteren waarin heel nadrukkelijk tot uiting komt dat ook voor hen het bereiken van de Spelen het hoofddoel is. Als men de vakgroepcoördinator weet te overtuigen, valt er altijd met mij te praten.”

,,Van Dirks kan ik echter niet anders concluderen dan dat hij de grote toernooien niet zo serieus neemt. Tonnie wil gewoon veel, heel veel wedstrijden lopen, het nodige start- en prijzengeld binnenhalen. Het is hem van harte gegund, maar hij moet nu niet zielig doen. Hij liet dit seizoen de EK lopen, ondanks dat hij zich had gekwalificeerd. Waarom? Omdat hij meer heil zag in een marathon in het najaar, waarvoor hij startgeld kon toucheren. Daardoor lopen jongens als Dirks zich over de kop, komen ze in de lappenmand terecht. Voor hen is niet het sportieve element, maar het financiële aspect van een wedstrijd het hoofddoel geworden”.

Over geld gesproken, de KNAU moet nog wel even met de NOC*NSF in de slag. ,,We willen meer activiteiten mét en rond de selectie. Daarvoor moeten we de financiën echter nog wel rond krijgen”. Het ideaalbeeld heeft veel weg van het zogeheten Noorse model. Waar Nederland in Helsinki faalde, straalde Noorwegen.

Paauw: ,,We hebben, naast die concentratie van de middelen, nog drie pijlers in ons beleidsplan opgenomen. Over het algemeen blijkt er bij individuele sporters, en hun trainers, veel te weinig aandacht voor de meerwaarde van teamgeest. Als je een atleet in contact brengt met collega-topsporters, al dan niet atleten, kunnen ervaringen worden uitgewisseld. Wanneer je merkt dat een ander dezelfde, of een nog grotere bevlogenheid heeft, werkt dat inspirerend. Men waardeert die contacten ook, heb ik inmiddels al gemerkt”. Paauw pleit dan ook voor regelmatige ‘theekransjes’.

Bovendien hoopt hij onder het motto ,,wat de Noren kunnen, kunnen wij ook” geld vrij te maken voor meer wetenschappelijke begeleiding (,,Er staat genoeg apparatuur in den lande die niet of nauwelijks wordt benut”) en kennisvergroting van zowel het (bonds)trainerskorps, de vakgroepcoördinatoren als de persoonlijke trainers. Met name die vakgroepcoördinatoren zullen ,,kennis moeten halen en overdragen”.

De Hilversummer denkt er aan de ‘macht’ van de privé-trainer ietwat terug te schroeven. De vakgroepcoördinatoren van de KNAU zullen intensiever overleg met atleten en hun trainers gaan voeren, zodat zaken als vormverlies eerder aan het licht komen. ,,De persoonlijke trainers hebben in de loop der tijd meer en meer verantwoordelijkheden gekregen. Misschien wel iets te veel. We zullen er als KNAU beter oog op moeten houden. Tuurlijk zijn persoonlijke trainers belangrijk, en moeten ze nadrukkelijk betrokken blijven bij de begeleiding. Wij zouden de complete begeleiding van een atlete als Ellen van Langen niet kunnen bekostigen. Maar, de heren en dames hebben natuurlijk niet alleen de wijsheid in pacht. Dat bleek wel uit de resultaten in Helsinki. Iedere trainer heeft een fikse dosis eigenwijsheid. Overleg met anderen schaadt absoluut niet. De weg naar de top kunnen we alleen gezamenlijk vinden”.

 Voor De Gooi-en Eemlander, 17 november 1994

Advertisements

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Atletiek

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s