Categorie archief: Baanwielrennen

Op hoogte krijg je een duwtje in de rug

PervisRecent schreef ik dit verhaal over de recordregen op de wielerpiste in Aguacalientes. Komende week is Edward Swier Media actief op het NK baanwielrennen in Apeldoorn. Records zullen daar niet worden gereden, daarvoor is de Nederlandse lucht simpelweg te dik. De nationale titelstrijd vindt van 27 tot en met 30 december in het Omnisport-complex plaats. Vooraf aan het evenement zullen de kranten van De Persdienst een dubbelinterview met Matthijs Büchli en Hugo Haak plaatsen. Daarin vertelt het duo nog eens over hun ervaringen in Mexico, het toekomstbeeld van het baanwielrennen en het NK.

Er is als wielrenner niets lekkerder dan af en toe een duwtje in de rug te krijgen. Tijdens de wereldbekerwedstrijden op de wielerpiste in het Mexicaanse Aguacalientes hadden de Nederlandse baanrenners dat gevoel. Op een hoogte van bijna 1900 meter bleek de luchtweerstand miniem en sneuvelden vele records. De Nederlanders noteerden nationale records, de internationale top tekende voor wereldrecords. Hoogtepunt was de kilometertijdrit. De Fransman François Pervis (foto) dook met 56,303 seconden onwaarschijnlijk ruim onder de besttijd (58,875) die zijn landgenoot Arnaud Tournant in 2001 in het Boliviaanse La Paz noteerde.

Nadat de Nederlandse baanploeg wel drie vierde plaatsen, maar geen podiumplaatsen had gescoord, was duidelijk dat de selectie van René Wolff er, met het oog op de wereldtitelstrijd in Colombia van eind februari, redelijk goed voorstaat. Elis Ligtlee mist weliswaar nog internationale ervaring, maar komt met rasse schreden dichterbij de top, terwijl Tim Veldt op het omnium met een vierde plaats andermaal aantoonde een serieuze podiumkandidaat op WK én Spelen te zijn. In de wereldbekerranking staat Veldt derde. Hij heeft zelfs nog uitzicht op de winst. De beste prestaties kwamen dit weekeinde evenwel van de jonge Nederlandse sprinters, Matthijs Büchli, Hugo Haak en Jeffrey Hoogland. Zij voelden, zoals bijna alle deelnemers in Aguacalientes, de fysieke sensatie dat ze sneller dan ooit waren. Op hoogte is de lucht ijler. Dat geeft op de relatief korte baanonderdelen veel voordelen. Er is feitelijk minder lucht om tegen te knokken. ,,Ziek hard”, ging het dan ook volgens Hugo Haak.

Matthijs Büchli noemde de wereldbekerstrijd door de omstandigheden ,,wat extremer. Wielrennen op een baan blijft, overal en altijd, eigenlijk hetzelfde. Maar doordat de snelheid veel hoger is, voelde het hier toch anders. Met 78 kilometer per uur fietsen is iets anders dan met 73”, aldus de keirinspecialist.

,,Records zijn er om gebroken te worden”, twitterde Teun Mulder nadat hij en Theo Bos door de jongere generatie beroofd waren van hun nationale toptijden op onder meer de sprint, kilometer en teamsprint. Haak reed een Nederlands record op de kilometer. Met een eindtijd van 58,446 seconden dook Haak onder het oude wereldrecord van 58,875. Hij werd vijfde. Matthijs Büchli, Haaks maatje in de teamsprint, werd – op slechts enkele duizendsten van winnaar Matthew Crampton – vierde op de keirin. Vorig jaar boekte Büchli in Mexico zijn eerste internationale succes, door de wereldbekerwedstrijd te winnen. Het leverde hem zelfs een nominatie voor de eretitel Wielrenner van het Jaar op.

Voor het weekeinde al werden Haak en Büchli met Jeffrey Hoogland vierde op de teamsprint. Het trio noteerde een nationaal record, 42,995. In de strijd om het brons legden de Nederlanders het af tegen de Australiërs. Jeffrey Hoogland tekende individueel op de sprint voor een nieuw Nederlands record van 9,634 seconden. ,,Superblij”, aldus Hoogland nadat duidelijk werd dat hij Theo Bos uit de boeken had gereden. Ook hier was François Pervis ongelooflijk snel: 9,347 is het nieuwe ijkpunt. Pervis legde de 200 meter af met een gemiddelde snelheid van 77,030 kilometer per uur. Op een fiets!

Büchli, vlak voor de terugvlucht naar Nederland: ,,We stappen allemaal met een goed gevoel in het vliegtuig, zijn blij met onze eigen prestaties. Al die Nederlandse records, daar kan je toch dik tevreden mee zijn. Maar die tijden van Pervis maakten je wel een klein beetje aan het schrikken. Het verschil was groot, hij was een klasse apart.”

Ook Elis Ligtlee noteerde enkele nationale records. In het sprinttoernooi, dat ze als zesde beëindigde, opende Ligtlee met een 200 meter in 10,640. Op de 500 meter werd Ligtlee ook zesde, met 33,618. Ook dat waren twee Nederlandse records.

De wereldbekerwedstrijd in Aguacalientes was de unieke gelegenheid geweest voor de ploegachtervolgers om ook eindelijk eens rond of zelfs onder de vier minuten te rijden. In de kwalificaties bleven liefst zes teams onder de voor Oranje nog magische grens van 4.00,00. De Nederlanders ontbraken echter in Mexico.

Geldgebrek is een voorname reden van de absentie. De wielerbond had onvoldoende budget om de achtervolgers naar zowel deze wereldbeker als die van januari, opnieuw in Mexico, en het WK in Colombia te sturen.

De internationale wielrenunie stelt deelname aan alle wereldbekers als voorwaarde voor mogelijke WK-kwalificatie. Het is natuurlijk ook gekkenwerk om in een dergelijk kort tijdsbestek driemaal de trip richting midden- en zuid-Amerika te maken. Jetlags én een slechts kort verblijf op hoogte doen een topsporter nooit goed. Bondscoach Jabik-Jan Bastiaans heeft met de selectie een medaille op de Olympische Spelen in 2016 voor ogen. In zijn ogen was deelname aan de wereldtitelstrijd van komend voorjaar geen must. Een crowdfundingactie die de achtervolgers alsnog aan het benodigde geld voor WK-deelname had geholpen, werd dan ook afgeslagen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Baanwielrennen, Edward Swier Media

Geen limieten voor Edward Swier Media

VPNoLimitsEdward Swier Media heeft deze zomer een tweetal verhalen voor het sportinnovatieblad No Limits geschreven en van fotomateriaal voorzien. Het blad is een initiatief van InnoSportNL en Sports and Technology, en wordt uitgegeven door Arko Sports Media. No Limits verschijnt twee keer per jaar. Edward Swier leverde een verhaal over de CoachWatch, een handig programma dat álles meet wat de coach over de training van zijn sporters wil weten. Ook in de training gaat zo geen tijd meer verloren. Zwemtrainer Ronald Stolk is de bedenker van de CoachWatch, samen met voormalig baanwielercoach Robert Slippens werkte hij aan de vervolmaking van de ‘app’. Ook sprak Edward uitgebreid met ex-toproeier Henk-Jan Zwolle. Hij helpt sporters op het juiste moment te pieken. De ontwikkeling van MyPerfectCoach, een systeem dat sporters leert hun activiteiten goed te registreren, maakt dat topsporters effectiever kunnen trainen en coaches daar beter op inspelen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Baanwielrennen, Innovaties, Rio 2016, Roeien, Zwemmen

Baanwielrennen op een hellend vlak

UnionJackInteresse voor door Britten gedomineerde sport loopt terug

(Door Edward Swier)
NIJMEGEN/MINSK (DPd) – Het baanwielrennen gaat het langebaanschaatsen achterna. En dat is, laat dat duidelijk zijn, geen goede ontwikkeling. Leeft het rondjesrijden van Sven Kramer en Ireen Wüst slechts in Nederland, de baanwielersport dreigt alleen nog in Groot-Brittannië op publieke aandacht te kunnen rekenen. Het WK in Minsk speelde zich de afgelopen dagen in betrekkelijke anonimiteit af. Slechts weinigen voelen zich nog thuis op het feestje van de Britse Gemenebest. De internationale wielrenunie zal daar aandacht aan moeten geven.

Ze hebben het op het hoofdkantoor van de UCI in het Zwitserse Aigle allicht drukker met andere zaken. De ‘main business’ van voorzitter Pat McQuaid en zijn vazallen, het wegwielrennen, verkeert na alle recente dopingkwesties in zwaar weer. Toch dient men zich er ook druk te gaan maken over de baansport, anders verwordt het rijden op de houten piste snel tot een totaal oninteressante sport, tot folklore.
Dat de tribunes in de Minsk Arena de afgelopen vijf dagen niet vol zaten, is nog tot daar aan toe. Wie kiest er ook voor om een dergelijk toernooi in Wit-Rusland te houden? Met wereldbekers in uithoeken als Aguacalientes (Mexico), Cali (Colombia), Peking (China) en Astana (Kazachstan) bewijs je de sport ook al geen echte dienst.
Dat het evenement in de rest van Europa nauwelijks zichtbaar was, is kwalijker. Eurosport zond de titelstrijd voor het eerst sinds decennia niet uit. De NOS rukte niet uit naar Wit-Rusland. Korte flitsen in de sportjournaals, daar moesten de liefhebbers het mee doen. De UCI had een speciaal kanaal op You Tube, maar dat bleek geblokkeerd voor de meeste Europeanen. Slechts de BBC was geregeld in de lucht.
Dat verbaast ook weer niet. In Engeland is het baanwielrennen populairder dan ooit. Na de Spelen van Peking waren die in Londen ook al een groot Brits succes. En zelfs in Minsk, waar tal van Britse helden – al dan niet gepensioneerd – ontbraken, grossierden de Britten in eremetaal. Als vanuit het niets presenteerden ze de talenten Becky James en Simon Yates. De Britten wonnen onder meer vijfmaal goud. In hun slipstream excelleerden ook de Australiërs en Nieuw-Zeelanders. De Gemenebest pakte, in overeenkomst met trend van de laatste vier jaar, liefst twintig plakken.
Nederland stak daar schril tegen af met slechts één bronzen medaille. Het was bemoedigend dat juist één van de grote talenten die plak scoorde. Matthijs Büchli bewees op de keirin dat je in vier jaar tijd veel progressie kunt maken. Dat de investeringen in de jeugd renderen moet nog enigszins hoopgevend zijn voor bondscoach René Wolff. Op de route richting de Spelen van Rio de Janeiro moet hij het zien te klaren met een aanmerkelijk kleiner budget, NOC*NSF heeft de baansport flink gekort. Het maakt de vrees terecht dat de Britten alleen maar verder weg lopen.
Wolff hoeft niet helemaal te wanhopen, zijn routiniers scoorden ook een aantal ereplaatsen. Tim Veldt werd vierde op de scratch en Nederland grossierde in vijfde plaatsen: Veldt in het omnium, Jenning Huizenga op de achtervolging en Kirsten Wild in zowel de scratch als puntenkoers. Teun Mulder werd bovendien nog zesde op de kilometer. Het gaf wel een onbevredigend gevoel. Het is, al jaren, net niet.
Nederland staat daarin overigens allesbehalve alleen. Weliswaar wonnen op het WK in Minsk 21 landen een medaille, slechts de Duitsers maken nog echt serieus jacht op de Britten. De Fransen hebben problemen, Oost-Europa heeft de slag gemist. De interesse in de baansport is tanende. Dat slechts 79 vrouwen werden ingeschreven voor het WK is al een veeg teken. In 2012 (Melbourne) en 2011 (Apeldoorn) deden er respectievelijk nog 116 en 126 mee. Het lijkt alsof de rest van de wereld het hoofd in de schoot heeft geworpen.

Geschreven voor de kranten van De Persdienst op zondag 24 februari 2013

Ik was overigens zeer te spreken over de bijval die ik naar aanleiding van dit artikel op de site van Rob Duin kreeg. Die is bereikbaar via deze link: http://www.robduin.com/?p=3036#more-3036

1 reactie

Opgeslagen onder Baanwielrennen