Categorie archief: Waterpolo

‘Groot en zwaar, dan heb je probleem’

Kandidaat-bondscoach Nico Landeweerd kiest resoluut voor andere aanpak

(Door Edward Swier)

HILVERSUM (GPD) – Met een koe win je geen paardenrace en daarom speelt Nederland internationaal geen rol van betekenis in het waterpolo. Die, misschien wat absurde, stelling durft Nico Landeweerd wel te verdedigen. De Hilversummer kan bondscoach van het mannenpoloteam worden. Hij hoeft maar ja te zeggen. Of hij dat doet? Het blijft nog even spannend, tot halverwege volgende week. Ook voor hemzelf. ,,Verstandelijk gezien is het verkeerd om het te doen. Maar ik hou niet zo van gespreide bedjes, vind het juist wel leuk dat het hier om een uitdaging gaat”. Dus? ,,Nee, ik weet het echt nog niet”.

Landeweerd zelf, winnaar van olympisch brons in Montreal ’76, brengt zijn gesprekspartner ook aan het twijfelen. Het is niet te voorspellen. De helft van zijn uitspraken wijst in de richting van een ‘ja’, de andere helft zegt ‘nee’. ,,Ik ging het gesprek met de bond sceptisch aan, maar ben een stuk positiever teruggekeerd. Ik hink nog steeds op twee gedachten. Als ze drie jaar geleden bij me gekomen waren, had ik het direct gedaan. Toen had ik veel meer tijd. Ik ben pas met mijn eigen bedrijf begonnen, kan nog moeilijk inschatten hoe de situatie er over een half jaar voorstaat”, aldus de 43-jarige Landeweerd, die in Zeist directeur is van ScreenUp, een snel groeiend bedrijfje dat diensten in de automatisering levert.

Een eventueel dienstverband bij de KNZB weerhoudt Landeweerd er niet van zijn mening te geven over het reilen en zeilen binnen de polowereld. ,,Ik maak geen vrienden met mijn uitspraken”, beseft hij zich terdege. Maar de liefde voor de sport noopt hem ertoe zijn mond zo nu en dan open te trekken.

KLACHT

Zijn klacht is bekend. De afgelopen jaren – juist in de tijd dat er dankzij NOC*NSF zoveel geld te besteden was – hebben de verkeerde mensen op de verkeerde stoelen gezeten. De verkeerde coaches het bij de verkeerde selecties voor het zeggen gehad. Niets ten nadele van de onlangs bij Oranje opgestapte Hans van Zeeland bijvoorbeeld, maar hij had gewoon de jeugd moeten coachen. En niet de hoofdmacht. Landeweerd: ,,Omdat de jeugd momenteel veel belangrijker is dan het A-team. Je opleiding krijg je als je jong bent. Aan een goede opleiding heeft het de laatste tien jaar echter ontbroken. Ook nu nog”.

,,Het jeugdpolo heeft onlangs een enorme zak met geld gehad. Het budget is, geloof ik, wel vijf keer zo groot als dat van de mannenselectie. Dat juich ik toe, hoe meer aandacht voor de jeugd hoe beter. Maar zet er dan wel iemand neer met verstand van zaken. Met Rob Bijeman, de huidige keuze van de KNZB, ben ik niet echt gelukkig. Veel liever zag ik daar iemand als Johan Aantjes, Dick Nieuwenhuizen of Jan-Bram van Luit. Akkoord, Bijeman zal er waarschijnlijk alle tijd voor hebben en daarom ook gekozen zijn. Maar hij is niet theoretisch geschoold en heeft ook nauwelijks praktijkervaring. Volgens mij heeft hij zelfs nooit in de hoofdklasse gespeeld. Het gevolg is dat er binnenkort weer een generatie spelers overkomt aan wie je eigenlijk niets hebt. Zoals ook de huidige generatie niet zo geweldig is”.

IRONISCH

Ook in de groep die hij mogelijk gaat begeleiden, zou dus het mes moeten. ,,Als er tenminste capabele vervangers voorhanden waren,” reageert Landeweerd. ,,Maar een polobondscoach in Nederland kan niet zomaar zeggen: ik gooi er zes uit. Want, waar haal je zes anderen vandaan?” Ironisch genoeg kwam de huidige selectie bij het KNZB-bestuur met het voorstel Landeweerd te polsen voor de job, terwijl diezelfde Landeweerd nu zegt dat de selectiespelers die ,,groot en zwaar zijn, een probleem hebben”. Het verhaal van de koe en de paardenrace dus.

Stapt Landeweerd erin, dan gaat het polo van Oranje over een heel andere boeg. Hij kiest voor een offensieve aanpak, Hij ‘testte’ zijn ideeën bij Polar Bears met behoorlijk succes. ,,Ik was vroeger zelf aanvaller, ik wil ook met Oranje aanvallend gaan spelen. Noem het voor mijn part Ajax-achtig. De aanpak van mijn voorgangers was er juist op gericht om doelpunten te voorkomen. Maar daarmee bereik je niks. Want er zijn altijd ploegen die dat systeem beter beheersen.”

Dus moet je gokken. ,,Zo wil ik het niet noemen. Wel opportunistisch spelen, risico durven nemen. De mogelijkheid bestaat dat het in sommige wedstrijden helemaal verkeerd uitpakt. Dat je in plaats van een 10-5 plots met 20-5 verliest. Maar de kans dat je een spannende wedstrijd wint, wordt wel groter”. Landeweerd heeft derhalve behoefte aan snelle, beweeglijke spelers. ,,Nogmaals, ben je groot en zwaar dan heb je een probleem”.

ROMPSLOMP

De job – waarvoor behalve Landeweerd ook Hans Parrel, hoofdtrainer van LZ’86, kandidaat is – beslaat voor 1998 zo’n 45 trainingen en een viertal buitenlandse toernooien én duurt tot het EK van 1999. ,,Als ik het doe, coach en train ik het team. Ik heb absoluut geen tijd voor de rompslomp eromheen. Extra vergaderingen, het bezoeken van wedstrijden, dat zit er niet in. De bond weet dat ook, de sollicitatiecommissie heeft het ter kennisgeving aangenomen”.

Opmerkelijk is trouwens dat Kees van Hardeveld, de nieuwe technische coördinator van de nationale selecties, onlangs voorspelde dat het mannenteam de komende vijf jaar het EK aan zich voorbij zal moeten laten gaan. ,,Misschien heeft hij wel gelijk,” zegt Landweerd, ,,al vind ik het raar dat hij dat juist nu zo stelt. Nee, ik ken hem niet. We hebben nooit wat met elkaar te maken gehad. Hij komt uit een heel andere hoek, het vrouwenwereldje. Vanzelfsprekend had ik liever iemand uit het mannenpolo als coördinator gehad. Maar met het vrouwenpolo gaat het goed, dus misschien weet Van Hardeveld wel iets dat ik niet weet”.

Voor De Gooi- en Eemlander (en andere GPD-kranten), 21 november 1997

Advertenties

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Waterpolo